Het aanmaken van een account heeft vele voordelen:
Winkelwagen
Subtotaal winkelwagen
U heeft geen product(en) in uw winkelwagen.
Terugbetaalbaar
Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.
Terugbetalingstarief
€ 38,15 (6% inclusief btw)
Verhoogde tegemoetkoming
€ 38,15 (6% inclusief btw)
Dit product moet worden goedgekeurd door de apotheker. Dit kan even duren.
Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.
Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt
4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik Waarschuwingen Indien een van de hieronder vermelde aandoeningen of risicofactoren aanwezig is, dient de geschiktheid van Drospibel met de vrouw te worden besproken. In geval van verergering of een eerste optreden van een van deze aandoeningen of risicofactoren, dient de vrouw het advies te krijgen contact op te nemen met haar arts om te bepalen of het gebruik van Drospibel moet worden stopgezet. In geval van een vermoede of bevestigde VTE of ATE, moet het gebruik van het CHC worden stopgezet. Indien er een antistollingsbehandeling wordt ingesteld, dient er een adequate alternatieve anticonceptie te worden gestart gezien de teratogeniteit van anticoagulantia (cumarinen). Circulatoire aandoeningen Risico op veneuze trombo-embolie (VTE) Het gebruik van gecombineerde hormonale anticonceptiva (CHC's) verhoogt het risico op veneuze trombo-embolie (VTE), in vergelijking met geen gebruik. Producten die levonorgestrel, norgestimaat of norethisteron bevatten worden in verband gebracht met het laagste risico op VTE. Met andere producten zoals Drospibel kan het risico tot tweemaal zo hoog zijn. De beslissing om een ander product te gebruiken dan een product met het laagste risico op VTE mag uitsluitend genomen worden nadat dit met de vrouw is besproken, om er zeker van te zijn dat ze begrijpt dat Drospibel haar risico op VTE verhoogt, hoe haar bestaande risicofactoren dit risico beïnvloeden, en dat haar risico op VTE het hoogst is gedurende het eerste jaar van gebruik. Er zijn ook enkele aanwijzingen dat het risico verhoogd is wanneer een CHC na een onderbreking van 4 weken of langer wordt hervat. Bij vrouwen die geen CHC gebruiken en die niet zwanger zijn, zullen ongeveer 2 van de 10.000 vrouwen over een periode van één jaar VTE ontwikkelen. Maar het risico kan bij elke individuele vrouw veel hoger zijn, afhankelijk van haar onderliggende risicofactoren (zie hieronder). Naar schatting zullen van de 10.000 vrouwen die een CHC met drospirenon gebruiken, 9 tot 12 vrouwen een VTE ontwikkelen over een periode van één jaar, vergeleken met ongeveer 6 vrouwen die een CHC met levonorgestrel gebruiken. In beide gevallen is het aantal VTE's per jaar minder dan het aantal dat wordt verwacht gedurende zwangerschap of de postpartumperiode. VTE kan in 1-2% van de gevallen fataal zijn. Aantal gevallen van VTE per 10.000 vrouwen in één jaar (GRAFIEK) Aantal gevallen van VTE Niet-gebruikster van CHC (2 gevallen) Levonorgestrel bevattend CHC (5-7 gevallen) Drospirenon bevattend CHC (9-12 gevallen) Bij CHC-gebruiksters werd in uiterst zeldzame gevallen trombose gemeld in andere bloedvaten, bijvoorbeeld van de lever, het mesenterium, de nieren of in de aders en slagaders van het netvlies. Risicofactoren voor VTE Het risico op veneuze trombo-embolische complicaties bij CHC-gebruiksters kan substantieel verhoogd zijn als een vrouw additionele risicofactoren heeft, vooral als ze meerdere risicofactoren heeft (zie tabel). Drospibel is gecontra-indiceerd als een vrouw meerdere risicofactoren heeft waardoor zij een hoog risico heeft op een veneuze trombose (zie rubriek 4.3). Als een vrouw meer dan één risicofactor heeft, is het mogelijk dat de stijging van het risico groter is dan de som van de afzonderlijke factoren – in dit geval moet haar totale risico op VTE in overweging worden genomen. Als de baten-risicobalans negatief geacht wordt, mag een CHC niet worden voorgeschreven (zie rubriek 4.3). Tabel: risicofactoren voor VTE Risicofactor Toelichting Obesitas (body mass index hoger dan 30 kg/m²) Het risico stijgt substantieel naarmate de BMI hoger is. Dient vooral in overweging te worden genomen als er nog andere risicofactoren aanwezig zijn. Langdurige immobilisatie, zware operatie, operatie van de benen of het bekken, neurochirurgie of zwaar trauma Opm.: tijdelijke immobilisatie waaronder vliegreizen >4 uur kan eveneens een risicofactor zijn voor VTE, vooral bij vrouwen met nog andere risicofactoren In deze situaties wordt aangeraden het gebruik van de pil te staken (in geval van electieve chirurgie minstens vier weken van tevoren) en deze pas 2 weken na volledige remobilisatie te hervatten. Er moet een andere anticonceptiemethode worden gebruikt om een ongewenste zwangerschap te voorkomen. Antitrombosebehandeling moet worden overwogen als het gebruik van Drospibel niet vooraf werd gestaakt. Positieve familiale voorgeschiedenis (veneuze trombo-embolie is ooit opgetreden bij een broer/zus of ouder, vooral op een relatief jonge leeftijd, bv. jonger dan 50 jaar). Als een erfelijke predispositie wordt vermoed, dient de vrouw naar een specialist te worden verwezen voor advies voordat besloten wordt een CHC te gebruiken. Andere medische aandoeningen die in verband gebracht worden met VTE Kanker, systemische lupus erythematosus, hemolytisch-uremisch syndroom, chronische inflammatoire darmziekte (ziekte van Crohn of colitis ulcerosa) en sikkelcelziekte Toenemende leeftijd Vooral boven de 35 jaar Er is geen consensus over de mogelijke rol van spataders en oppervlakkige tromboflebitis bij het ontstaan of de progressie van veneuze trombose. Er moet rekening worden gehouden met het verhoogde risico op trombo-embolie gedurende de zwangerschap en vooral tijdens het 6 weken durende puerperium (voor informatie over 'Zwangerschap en borstvoeding', zie rubriek 4.6).
Symptomen van VTE (diepe veneuze trombose en longembolie) Vrouwen dienen het advies te krijgen om, als er symptomen optreden, met spoed medische hulp in te roepen en de gezondheidswerker in te lichten dat ze een CHC gebruikt. Mogelijke symptomen van diepe veneuze trombose (DVT) zijn: - unilaterale zwelling van een been en/of voet of langs een ader in het been, - pijn of gevoeligheid van een been die mogelijk alleen gevoeld wordt bij het staan of lopen, - verhoogde temperatuur in het aangetaste been; rode of verkleurde huid op het been. Mogelijke symptomen van een longembolie (PE) zijn: - plotseling optreden van onverklaarde kortademigheid of snelle ademhaling; - plotseling optreden van hoest, mogelijk gepaard gaand met hemoptoë; - scherpe pijn op de borst; - ernstige ijlhoofdigheid of duizeligheid; - snelle of onregelmatige hartslag. Sommige van deze symptomen (bv. 'kortademigheid', 'hoesten') zijn niet-specifiek en kunnen verkeerd worden geïnterpreteerd als gewonere of minder ernstige voorvallen (bv. luchtweginfecties). Andere mogelijke tekenen van een vasculaire occlusie zijn: plotselinge pijn, zwelling en een lichte blauwe verkleuring van een lidmaat. Als er een occlusie optreedt in het oog, kunnen de symptomen uiteenlopen van pijnloos wazig zien met mogelijk progressie tot verlies van het gezichtsvermogen. Soms kan verlies van het gezichtsvermogen bijna onmiddellijk optreden. Risico op arteriële trombo-embolie (ATE) In epidemiologische studies werd het gebruik van CHC's in verband gebracht met een verhoogd risico op arteriële trombo-embolie (myocardinfarct) of een cerebrovasculair accident (bv. transiënte ischemische aanval, beroerte). Arteriële trombo-embolische voorvallen kunnen een fatale afloop hebben. Risicofactoren voor ATE Het risico op arteriële trombo-embolische complicaties of een cerebrovasculair accident bij CHC-gebruiksters is verhoogd bij vrouwen met risicofactoren (zie tabel). Drospibel is gecontra-indiceerd indien een vrouw één ernstige of meerdere risicofactoren voor ATE heeft die haar risico op arteriële trombose verhogen (zie rubriek 4.3). Als een vrouw meer dan één risicofactor heeft, is het mogelijk dat de toename van het risico groter is dan de som van de afzonderlijke factoren - in dit geval moet haar totale risico in overweging worden genomen. Als de baten-risicobalans negatief wordt geacht, mag een CHC niet worden voorgeschreven (zie rubriek 4.3). Tabel: risicofactoren voor ATE Risicofactor Toelichting Toenemende leeftijd Vooral boven de 35 jaar Roken Vrouwen moeten het advies krijgen om niet te roken als ze een CHC willen gebruiken. Vrouwen die ouder zijn dan 35 jaar en doorgaan met roken dienen een dringend advies te krijgen om een andere anticonceptiemethode te gebruiken. Hypertensie Obesitas (body mass index hoger dan 30 kg/m2 ) Het risico stijgt substantieel naarmate de BMI stijgt. Vooral belangrijk bij vrouwen met additionele risicofactoren. Positieve familiale voorgeschiedenis (arteriële trombo-embolie is ooit opgetreden bij een broer/zus of ouder, vooral op een relatief jonge leeftijd, bv. jonger dan 50 jaar). Als een erfelijke predispositie wordt vermoed, dient de vrouw naar specialist te worden verwezen voor advies voordat besloten wordt een CHC te gebruiken Migraine Een stijging van de frequentie of de ernst van migraine tijdens CHC-gebruik (mogelijk een voorbode van een cerebrovasculair voorval) kan een reden zijn voor onmiddellijke stopzetting Andere medische aandoeningen die in verband gebracht worden met vasculaire bijwerkingen Diabetes mellitus, hyperhomocysteïnemie, hartklepziekte en atriumfibrilleren, dyslipoproteïnemie en systemische lupus erythematosus. Symptomen van ATE Vrouwen moeten het advies krijgen om, als er symptomen optreden, met spoed medische hulp in te roepen en de gezondheidswerker te informeren dat ze een CHC gebruiken. Mogelijke symptomen van een cerebrovasculair accident zijn: - plotseling verdoofd gevoel of zwakte van het gezicht, een arm of been, vooral aan één zijde van het lichaam; - plotselinge problemen met lopen, duizeligheid, verlies van evenwicht of coördinatie; - plotselinge verwardheid, problemen met spreken of begrijpen; - plotselinge problemen met zien in één of beide ogen; - plotselinge, ernstige of langdurige hoofdpijn zonder bekende oorzaak; - bewustzijnsverlies of flauwvallen met of zonder epileptische aanval. Voorbijgaande symptomen wijzen erop dat het voorval een transiënte ischemische aanval (TIA) is. Mogelijke symptomen van een myocardinfarct (MI) zijn: - pijn, ongemak, drukkend, zwaar, beklemmend of vol gevoel in de borst, arm, of onder het borstbeen; - ongemak dat uitstraalt naar de rug, kaak, keel, arm, maag; - een vol gevoel, indigestie of naar adem snakken; - zweten, misselijkheid, braken of duizeligheid; - extreme zwakte, angst of kortademigheid; - snelle of onregelmatige hartslag. Tumoren In sommige epidemiologische studies werd een verhoogd risico op baarmoederhalskanker gemeld bij vrouwen die een COC op lange termijn gebruikten (>5 jaar), maar er blijft nog discussie bestaan over de mate waarin deze bevinding toe te schrijven is aan de vertekenende effecten van seksueel gedrag en andere factoren zoals het humaan papillomavirus (HPV). In een meta-analyse van 54 epidemiologische studies werd gemeld dat vrouwen die op dat moment een COC gebruikten een ietwat verhoogd relatief risico (RR = 1,24) op borstkanker hadden. Het extra risico verdwijnt geleidelijk in de loop van een periode van 10 jaar na staken van het COC-gebruik. Omdat borstkanker zelden voorkomt bij vrouwen jonger dan 40 jaar, is het extra aantal gevallen van borstkanker bij huidige en recente COC�gebruiksters laag in verhouding tot het totale risico op borstkanker. Deze studies leveren geen bewijs voor een oorzakelijk verband. Het waargenomen patroon van een verhoogd risico kan te wijten zijn aan een vroegtijdigere diagnose van borstkanker bij COC-gebruiksters, de biologische effecten van COC's of een combinatie van beide. Gevallen van borstkanker die gediagnosticeerd werden bij vrouwen die ooit een COC gebruikt hebben, zijn klinisch vaak minder ver gevorderd dan de kankers die gediagnosticeerd werden bij vrouwen die nooit een COC gebruikt hebben.
In zeldzame gevallen zijn goedaardige levertumoren, en in nog zeldzamere gevallen, kwaadaardige levertumoren gemeld bij gebruiksters van COC's. In geïsoleerde gevallen hebben deze tumoren geleid tot levensbedreigende intra�abdominale bloedingen. Indien vrouwen die een COC gebruiken ernstige pijn in de bovenbuik, vergroting van de lever of tekenen van een intra-abdominale bloeding vertonen, dient bij de differentiële diagnose rekening te worden gehouden met een levertumor. Bij gebruik van hoger gedoseerde COC's (50 µg ethinylestradiol) is het risico op endometrium- en ovariumkanker verminderd. Of dit ook geldt voor de lager gedoseerde COC's, moet nog worden bevestigd. Andere aandoeningen Het progestine in Drospibel is een aldosteronantagonist met kaliumsparende eigenschappen. In de meeste gevallen valt een stijging van de kaliumconcentratie niet te verwachten. In een klinische studie stegen de serumkaliumconcentraties echter licht, maar niet significant, bij sommige patiënten met een lichte of matige nierinsufficiëntie die drospirenon innamen en gelijktijdig kaliumsparende geneesmiddelen kregen. Daarom wordt aanbevolen de serumkaliumspiegels tijdens de eerste behandelingscyclus te controleren bij patiënten die nierinsufficiëntie hebben en die voorafgaand aan de behandeling een hoge serumkaliumspiegel hadden, en vooral tijdens gelijktijdig gebruik van kaliumsparende geneesmiddelen. Zie ook rubriek 4.5. Vrouwen met hypertriglyceridemie, of een familiale voorgeschiedenis hiervan, hebben mogelijk een verhoogd risico op pancreatitis tijdens gebruik van een COC. Hoewel er geringe stijgingen van de bloeddruk werden waargenomen bij veel vrouwen die COC's innemen, komen klinisch relevante stijgingen zelden voor. Alleen in deze zeldzame gevallen is een onmiddellijke stopzetting van het gebruik van een COC gerechtvaardigd. Indien tijdens het gebruik van een COC, bij een vooraf bestaande hypertensie, constant verhoogde bloeddrukwaarden of een significante stijging van de bloeddruk niet adequaat reageren op een behandeling met antihypertensiva, moet het COC worden gestaakt. Indien wenselijk kan het gebruik van het COC worden hervat als er met een antihypertensieve behandeling normale bloeddrukwaarden bereikt kunnen worden. De volgende aandoeningen kunnen optreden of verslechteren tijdens de zwangerschap en bij gebruik van COC's, maar er zijn geen doorslaggevende aanwijzingen voor een verband met COC-gebruik: geelzucht en/of pruritus ten gevolge van cholestase; galstenen; porfyrie; systemische lupus erythematosus; hemolytisch-uremisch syndroom; sydenhamchorea; herpes gestationis; otosclerosegerelateerde gehoordaling. Bij vrouwen met erfelijk angio-oedeem kunnen exogene oestrogenen symptomen van angio-oedeem uitlokken of verergeren. Bij acute of chronische stoornissen van de leverfunctie kan het nodig zijn om het COC-gebruik stop te zetten totdat de merkers van de leverfunctie weer normaal zijn. Bij opnieuw optreden van cholestatische geelzucht en/of aan cholestase gerelateerde pruritus die voorheen is opgetreden tijdens de zwangerschap of tijdens eerder gebruik van geslachtshormonen, moet het COC worden stopgezet. Hoewel COC's een effect kunnen hebben op de perifere insulineresistentie en de glucosetolerantie, zijn er geen aanwijzingen dat het therapeutische schema moet worden gewijzigd bij diabetici die laaggedoseerde COC's (die < 0,05 mg ethinylestradiol bevatten) gebruiken. Vrouwen met diabetes dienen echter zorgvuldig te worden gevolgd, vooral tijdens de beginperiode van COC-gebruik. Verergering van endogene depressie, epilepsie, ziekte van Crohn en colitis ulcerosa werd gemeld tijdens COC�gebruik. Psychische stoornissen: Depressieve stemming en depressie zijn bekende bijwerkingen van het gebruik van hormonale anticonceptiva (zie rubriek 4.8). Depressie kan ernstig zijn en is een bekende risicofactor voor suïcidaal gedrag en zelfmoord. Vrouwen moet worden aanbevolen om contact met hun arts op te nemen in geval van stemmingswisselingen en symptomen van depressie, ook kort na aanvang van de behandeling. Chloasma kan af en toe optreden, vooral bij vrouwen met een voorgeschiedenis van chloasma gravidarum. Vrouwen met een neiging tot chloasma dienen blootstelling aan de zon en ultraviolette straling te vermijden wanneer ze COC's innemen. Medisch onderzoek/consultatie Voordat Drospibel wordt gestart of hervat, is een volledige anamnese (met inbegrip van een familiale anamnese) vereist en dient een zwangerschap te worden uitgesloten. De bloeddruk moet worden gemeten en er moet een lichamelijk onderzoek plaatsvinden, op geleide van de contra-indicaties (zie rubriek 4.3) en de waarschuwingen (zie rubriek 4.4). Het is belangrijk dat de vrouw wordt gewezen op de informatie over veneuze en arteriële trombose, met inbegrip van het risico van Drospibel in vergelijking met andere CHC's, de symptomen van VTE en ATE, de bekende risicofactoren en wat zij moet doen in het geval van een vermoede trombose. De vrouw dient ook de instructie te krijgen om de bijsluiter zorgvuldig te lezen en de daarin vermelde adviezen na te leven. De frequentie en de aard van de onderzoeken moeten gebaseerd zijn op de gangbare praktijkrichtlijnen en moeten aan elke vrouw afzonderlijk worden aangepast. Vrouwen moeten gewaarschuwd worden dat hormonale anticonceptiva geen bescherming bieden tegen hiv-infectie (aids) en andere seksueel overdraagbare aandoeningen. Verminderde betrouwbaarheid De werkzaamheid van COC's kan verminderd zijn wanneer er bijvoorbeeld tabletten worden overgeslagen (zie rubriek 4.2), bij gastro-intestinale stoornissen (zie rubriek 4.2) of bij concomiterende medicatie (zie rubriek 4.3 en 4.5). Verminderde cycluscontrole Bij alle COC's kunnen onregelmatige bloedingen (spotting of doorbraakbloeding) optreden, vooral gedurende de eerste maanden van gebruik. Het evalueren van een eventuele onregelmatige bloeding is daarom pas zinvol na een aanpassingsperiode van ongeveer drie cycli. Als de onregelmatige bloedingen aanhouden of na vroegere regelmatige cycli optreden, moet rekening worden gehouden met niet-hormonale oorzaken en zijn er adequate diagnostische maatregelen geïndiceerd om kanker of zwangerschap uit te sluiten. Deze kunnen een curettage omvatten. Bij sommige vrouwen treedt mogelijk geen dervingsbloeding op in het tabletvrije interval. Als het COC volgens de aanwijzingen in rubriek 4.2 werd ingenomen dan is een zwangerschap onwaarschijnlijk. Als het COC echter niet volgens deze aanwijzingen werd ingenomen voorafgaand aan de eerste uitgebleven dervingsbloeding, of als de dervingsbloeding tweemaal uitblijft, moet een zwangerschap worden uitgesloten voordat het gebruik van het COC kan worden voortgezet.
Orale anticonceptie.
Welke stoffen zitten er in DROSPIBEL?
De werkzame stoffen in DROSPIBEL zijn ethinylestradiol 0,02 mg en drospirenon 3 mg.
De andere stoffen in DROSPIBEL zijn:
Tabletkern: lactosemonohydraat, gepregelatiniseerd zetmeel (mais), povidon, natriumcroscarmellose, polysorbaat 80, magnesiumstearaat.
Omhulling: polyvinylalcohol deels gehydrolyseerd, titaandioxide (E171), macrogol 3350, talk, geel ijzeroxide (E172), rood ijzeroxide (E172), zwart ijzeroxide (E172).
4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie Opmerking: de voorschrijfinformatie van concomiterende geneesmiddelen dient te worden geraadpleegd om mogelijke interacties te identificeren. Effecten van andere geneesmiddelen op Drospibel Er kunnen interacties optreden met geneesmiddelen die microsomale enzymen induceren, wat tot een verhoogde klaring van geslachtshormonen en vervolgens tot een doorbraakbloeding en/of falen van de anticonceptie kan leiden. Aanpak Enzyminductie kan al na enkele dagen behandeling worden waargenomen. Maximale enzyminductie wordt in het algemeen binnen enkele weken gezien. Na stopzetting van de behandeling met het geneesmiddel kan de enzyminductie gedurende ongeveer 4 weken aanhouden. Kortetermijnbehandeling Vrouwen die met enzyminducerende geneesmiddelen worden behandeld, moeten tijdelijk een barrièremethode of een andere anticonceptiemethode gebruiken naast het COC. De barrièremethode moet worden gebruikt tijdens de hele periode waarin het concomiterende geneesmiddel wordt toegediend en gedurende 28 dagen na stopzetting hiervan. Als de behandeling met het geneesmiddel nog voortduurt als de laatste tablet in de COC-verpakking is ingenomen, moet meteen na deze verpakking met een nieuwe verpakking van het COC gestart worden zonder het gebruikelijke tabletvrije interval. Langetermijnbehandeling Bij vrouwen die een langetermijnbehandeling krijgen met stoffen die de leverenzymen induceren, wordt het gebruik van een andere betrouwbare niet-hormonale anticonceptiemethode aanbevolen. De volgende interacties werden gemeld in de literatuur: Stoffen die de klaring van COC's verhogen (verminderde werkzaamheid van COC's door enzyminductie), bv.: barbituraten, bosentan, carbamazepine, fenytoïne, primidon, rifampicine en de hiv-medicatie ritonavir, nevirapine en efavirenz en mogelijk ook felbamaat, griseofulvine, oxcarbazepine, topiramaat en producten die de kruidenremedie sint-janskruid (hypericum perforatum) bevatten. Stoffen met variabele effecten op de klaring van COC's: Wanneer ze gelijktijdig met COC's worden toegediend, kunnen veel combinaties van hiv-proteaseremmers en non�nucleoside reverse transcriptase inhibitors, waaronder combinaties met HCV-remmers de plasmaconcentratie van oestrogeen of van progestine verhogen of verlagen. Het netto effect van deze veranderingen kan in sommige gevallen klinisch relevant zijn. Daarom moet de voorschrijfinformatie van concomiterende hiv-/HCV-geneesmiddelen worden geraadpleegd om mogelijke interacties en relevante aanbevelingen te identificeren. In geval van twijfel dient een aanvullende barrièremethode voor anticonceptie te worden gebruikt door vrouwen die een behandeling krijgen met een proteaseremmer of een non-nucleoside reverse transcriptase inhibitor. Stoffen die de klaring van COC's verlagen (enzymremmers): De klinische relevantie van mogelijke interacties met enzymremmers is nog onbekend. Gelijktijdige toediening van krachtige CYP3A4-remmers kan de plasmaconcentratie van oestrogeen, progestine of beide verhogen. In een studie met herhaalde doseringen van een combinatie van drospirenon (3 mg/dag)/ethinylestradiol (0,02 mg/dag), verhoogde de gelijktijdige toediening van de krachtige CYP3A4-remmer ketoconazol gedurende 10 dagen de AUC (0-24u) van drospirenon en ethinylestradiol met respectievelijk een factor 2,7 en 1,4. Etoricoxib in doseringen van 60 tot 120 mg/dag verhoogde de plasmaconcentratie van ethinylestradiol respectievelijk met een factor 1,4 tot 1,6 indien het gelijktijdig werd toegediend met een gecombineerd hormonaal anticonceptivum dat 0,035 mg ethinylestradiol bevatte. Effecten van Drospibel op andere geneesmiddelen COC's kunnen het metabolisme van bepaalde andere werkzame stoffen beïnvloeden. Dienovereenkomstig kunnen de plasma- en weefselconcentraties stijgen (bv. ciclosporine) of dalen (bv. lamotrigine). Op grond van in-vivo-interactiestudies bij vrijwilligsters die omeprazol, simvastatine of midazolam als merkersubstraat gebruikten, is een klinisch relevante interactie van drospirenon in een dosering van 3 mg met het door cytochroom P450 gemedieerde metabolisme van andere werkzame stoffen onwaarschijnlijk. Klinische gegevens wijzen erop dat ethinylestradiol de klaring van CYP1A2-substraten remt, wat tot een zwakke (bv. theofylline) of matige (bv. tizanidine) stijging van hun plasmaconcentratie leidt. • Farmacodynamische interacties Tijdens klinische onderzoeken op patiënten die voor een hepatitis C-virus (HCV) infectie behandeld werden met geneesmiddelen die ombitasvir/paritaprevir/ritonavir en dasabuvir bevatten, met of zonder ribavirine, werden significant vaker verhogingen van het transaminase (ALT) gezien tot meer dan 5 keer de bovengrens van het normale (BGN) bij vrouwen die geneesmiddelen innamen die ethinylestradiol bevatten, zoals gecombineerde hormonale contraceptiva (CHC's). Bovendien werden ook bij patiënten die met glecaprevir/pibrentasvir werden behandeld, verhoogde ALAT- verhogingen waargenomen bij vrouwen die ethinylestradiol-bevattende geneesmiddelen zoals gecombineerde hormonale anticonceptiemiddelen gebruikten (zie rubriek 4.3). Daarom moeten gebruikers van Drospibel een alternatieve contraceptiemethode gebruiken (bv. contraceptie met alleen progestageen of niet-hormonale methoden), vooraleer te starten met deze gelijktijdige behandeling. Drospibel kan worden hernomen 2 weken na het einde van de behandeling met deze combinatie van geneesmiddelen. Bij patiënten zonder nierinsufficiëntie had concomiterend gebruik van drospirenon en ACE-remmers of NSAID's geen significant effect op het serumkalium. Concomiterend gebruik van Drospibel en aldosteronantagonisten of kaliumsparende diuretica werd echter niet onderzocht. In dit geval dient het serumkalium tijdens de eerste behandelingscyclus te worden getest. Zie ook rubriek 4.4. Andere vormen van interactie
Laboratoriumonderzoeken Het gebruik van contraceptieve steroïden kan invloed hebben op de resultaten van bepaalde laboratoriumonderzoeken, waaronder biochemische parameters van de lever, schildklier, bijnier- en nierfunctie, plasmaspiegels van (drager)eiwitten, bv. corticosteroïd bindend globuline en lipiden/lipoproteïnenfracties, parameters van het koolhydraatmetabolisme en parameters van de stolling en fibrinolyse. Veranderingen blijven doorgaans binnen de normale laboratoriumwaarden. Als gevolg van zijn lichte antimineralocorticoïde activiteit veroorzaakt drospirenon een stijging van de plasmarenineactiviteit en het plasma-aldosteron.
Bijwerkingen van DROSPIBEL kunnen zijn:
Zeer vaak voorkomende bijwerkingen (kan bij meer dan 1 op de 10 mensen voorkomen): - hoofdpijn - misselijkheid - borstspanning
Vaak voorkomende bijwerkingen (kan bij 1 tot 10 op de 100 mensen voorkomen): - stemmingswisselingen - gewichtstoename - acne - pijn in de onderbuik
Soms optredende bijwerkingen (kan bij 1 tot 10 op de 1000 mensen voorkomen): - Candida (schimmelinfectie) - koortsblaasjes (herpes simplex) - allergische reacties - meer eetlust - depressie, zenuwachtigheid, slaapstoornis - tintelingen, duizeligheid (vertigo) - problemen met het zicht - onregelmatige hartslag of ongewoon snelle hartslag - een bloedstolsel (trombose) in de longen (longembolie), hoge bloeddruk, lage bloeddruk, migraine, spataders - keelpijn - misselijkheid, braken, ontsteking van de maag en/of de darm, diarree, constipatie - plotselinge zwelling van de huid en/of slijmvliezen (bijv. tong of keel), en/of moeite met slikken of netelroos samen met moeite met ademhalen (angio-oedeem) - haaruitval (alopecie), eczeem, jeuk, huiduitslag, droge huid, vettige huidaandoeningen (seborroïsche dermatitis) - nekpijn, pijn in de ledematen, spierkrampen - blaasinfectie - knobbel in de borst (goedaardig of kanker), melkproductie buiten de zwangerschap (galactorroe), cysten van de eierstokken, warmteopwellingen, uitblijven van de menstruatie, zeer zware menstruaties, afscheiding uit de vagina, vaginale droogheid, pijn in de onderbuik (bekken), abnormaal cervixuitstrijkje (Papanicolaou- of papuitstrijkje), minder zin in seks - vochtretentie, weinig energie, overmatige dorst, meer zweten - gewichtsverlies
Zelden optredende bijwerkingen (kan tot 1 op 1.000 mensen treffen): - astma - gehoordaling - erythema nodosum (gekenmerkt door pijnlijke, roodachtige huidknobbels) - erythema multiforme (huiduitslag met schietschijfvormige rode plekken of zweren) - schadelijke bloedstolsels in een ader of slagader bijvoorbeeld: o in een been of voet (d.w.z. diepveneuze trombolie) o in een long (d.w.z. longembolie) o hartaanval o beroerte o 'mini-stroke' of tijdelijke symptomen zoals bij een beroerte, bekend als TIA (transiënte ischemische aanval) o bloedstolsels in de lever, maag/darmen, nieren of ogen. De kans om een bloedstolsel te krijgen is groter als er een of meer andere omstandigheden op u van toepassing zijn die dit risico verhogen (zie rubriek 2 voor meer informatie over de omstandigheden die het risico op bloedstolsels verhogen en de symptomen van een bloedstolsel).
U mag DROSPIBEL niet gebruiken als u aan een van de onderstaande aandoeningen lijdt. Als u een van de hieronder vermelde aandoeningen heeft, vertel dit dan aan uw arts. Uw arts zal met u bespreken welke andere vorm van anticonceptie geschikter is voor u.
U heeft een bloedstolsel in een bloedvat van uw benen (diepe veneuze trombose, DVT), uw longen (longembolie, PE) of andere organen, of u heeft dit ooit gehad;
U weet dat u een stoornis van de bloedstolling heeft – bijvoorbeeld proteïne C-deficiëntie, proteïne S-deficiëntie, antitrombine-III-deficiëntie, factor V-Leiden of antistoffen tegen fosfolipiden;
U moet een operatie ondergaan of u bent gedurende lange tijd niet op de been (zie rubriek 2 'Bloedstolsels');
U heeft ooit een hartaanval of een beroerte gehad;
U heeft angina pectoris (een aandoening die ernstige pijn op de borst veroorzaakt en een eerste teken van een hartaanval kan zijn) of een transiënte ischemische aanval (TIA – voorbijgaande symptomen van een beroerte), of u heeft dit ooit gehad;
U heeft een van de volgende ziektes die het risico op een bloedstolsel in uw slagaders kunnen verhogen:
– ernstige diabetes met beschadiging van de bloedvaten
– zeer hoge bloeddruk
– een zeer hoog vetgehalte in het bloed (cholesterol of triglyceriden)
– een aandoening die hyperhomocysteïnemie wordt genoemd
U heeft een vorm van migraine die 'migraine met aura' wordt genoemd, of u heeft dit ooit gehad;
U heeft een leverziekte (of u heeft die ooit gehad) en uw leverfunctie is nog steeds niet normaal
Uw nieren werken niet goed (nierfalen)
U heeft een tumor in de lever (of u heeft die ooit gehad)
U heeft borstkanker of kanker van de geslachtsorganen (of u heeft die ooit gehad) of er bestaat een vermoeden dat u dit heeft
U heeft een onverklaarde bloeding uit de vagina
U bent allergisch voor ethinylestradiol of drospirenon of voor andere stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6. Dit kan jeuk, huiduitslag of zwelling veroorzaken.
Gebruik DROSPIBEL niet indien u hepatitis C heeft en geneesmiddelen inneemt die ombitasvir/paritaprevir/ritonavir en dasabuvir of glecaprevir / pibrentasvir of sofosbuvir/velpatasvir/voxilaprevir bevatten.
4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding Zwangerschap Drospibel is niet geïndiceerd tijdens de zwangerschap. Indien een zwangerschap optreedt tijdens het gebruik van Drospibel moet het preparaat onmiddellijk worden gestaakt. In uitgebreide epidemiologische studies is geen verhoogd risico gezien op aangeboren misvormingen bij kinderen van vrouwen die COC's innamen voorafgaand aan de zwangerschap, en evenmin werden teratogene effecten waargenomen als per ongeluk COC's werden ingenomen tijdens de zwangerschap. In onderzoek bij dieren werden bijwerkingen tijdens de zwangerschap en borstvoeding gezien (zie rubriek 5.3). Op grond van deze gegevens bij dieren kunnen bijwerkingen als gevolg van de hormonale werking van de werkzame verbindingen niet worden uitgesloten. In de algemene ervaring met COC's tijdens de zwangerschap zijn echter geen aanwijzingen gevonden voor feitelijke bijwerkingen bij de mens. De beschikbare gegevens over het gebruik van Drospibel tijdens de zwangerschap zijn te beperkt om conclusies te kunnen trekken over de negatieve effecten van Drospibel op de zwangerschap en de gezondheid van de foetus of neonaat. Tot op heden zijn er geen relevante epidemiologische gegevens beschikbaar. Er moet rekening worden gehouden met het verhoogde risico op VTE in de periode na de bevalling als Drospibel wordt hervat (zie rubrieken 4.2 en 4.4). Borstvoeding De borstvoeding kan beïnvloed worden door COC's aangezien ze de hoeveelheid moedermelk kunnen verminderen en de samenstelling ervan kunnen wijzigen. Daarom mag het gebruik van COC's in het algemeen niet worden aanbevolen totdat de moeder die borstvoeding geeft haar kind volledig heeft gespeend. Wanneer een COC gebruikt wordt, kunnen er kleine hoeveelheden van de contraceptieve steroïden en/of hun metabolieten in de moedermelk worden uitgescheiden. Deze hoeveelheden kunnen invloed hebben op het kind.
Gewoonlijke posologie
Bij het vergeten innemen van meer dan 12 uur
| CNK | 2912046 |
|---|---|
| Organisaties | Cophana, Effik Benelux |
| Merken | Effik BENELUX |
| Breedte | 68 mm |
| Lengte | 106 mm |
| Diepte | 53 mm |
| Hoeveelheid verpakking | 13 |
| Actieve ingrediënten | drospirenon, ethinylestradiol |
| Behoud | Kamertemperatuur (15°C - 25°C) |